Spanje was voor de eerste generatie Indo’s de ‘next best thing’ naast Indonesië

Vorige week schreef onze correspondent Patrick Cornelius al over zijn favoriete vakantiebestemming Vinarós: Nosotros estamos en Vinarós. Deze keer schrijft hij over de relatie tussen Indo’s en Spanje. Waarom komen Indo’s er zo graag?

Door: onze correspondent Patrick Cornelius

We zijn nu halverwege onze zelfbenoemde welverdiende vakantie en hebben ons – naast luieren – ook afgevraagd wat ons steeds deze kant op trekt en we op andere vakantiebestemmingen toch minder rust vinden dan hier. Voor ons allebei geldt een historische component. Marlies is hier het grootste deel van haar jeugd opgegroeid, dus dat is wat makkelijker te verklaren. Voor mij zit het meer in de Indische cultuur.

Met de hele familie naar Spanje
Spanje was voor de eerste generatie Indo’s – die het konden betalen – namelijk de ‘next best thing’ naast Indonesië. Met mijn oude Indische vrienden mogen we graag herinneringen ophalen uit de jaren ’70, waarin voor veel Indo’s Spanje wel ‘the place to be’ was als het om vakantie ging. En dan ging je niet samen met je vriend of vriendin, maar de hele familie werd in de Datsuns, Simca’s en soms busjes gepropt, inclusief opa en oma en reisden af naar de camping. Gezien de grootte van de gezinnen waren appartementen of hotels natuurlijk uitgesloten. Veel te duur.

Engels-Nederlands-Maleis
Alhoewel de eerste generatie uiteraard geen woord Spaans sprak, lukte het blijkbaar toch om via handen en voeten en een mengtaaltje Engels-Nederlands-Maleis dingen voor elkaar te krijgen. Dat levert altijd weer hilarische verhalen op, die zelfs na tien keer nog leuk zijn, omdat er beeldend verteld wordt, inclusief Indisch accent. Je ziet het gebeuren alsof je erbij was.

Indische woonwijk in Malaga
In Spanje zijn dan ook vrij grote Indische gemeenschappen actief, die bijvoorbeeld een Indische week organiseren voor zowel Spaanse als Nederlandse Indo’s. De beroemdste Indische bands treden dan op en er is natuurlijk gezorgd voor authentiek Indisch eten. In Malaga is zelfs een complete (Indische) woonwijk uit de grond gestampt, waar de Nederlandse straatnamen nog steeds getuigen van dit unieke project. Natuurlijk is het geen exclusief Indische wijk meer, maar de afstammelingen van die remigranten uit de jaren ’60 en ’70 leven er nog steeds.

Het multi-culturele Vinarós
Vinarós is een relatief kleine plaats, maar wel bijzonder multi-cultureel. Indiase (of Pakistaanse) dames en meisjes komen in grote groepen langs paraderen in kleurrijke gewaden. Afrikaanse verkopers prijzen hun waren aan op de terrassen en veel kleine middenstanders hebben een overduidelijke Arabische afkomst. Het gaat ogenschijnlijk vrij ongestoord allemaal en de lokale bewoners groeten hun exotische buren op een ongedwongen en vriendschappelijke manier. Niemand wordt van de terrassen gestuurd en de aanwezigheid van lokale of federale politie is een zeldzaamheid.

Welvarende Russen
Opvallend is wel de grote groep Russen die op de één of ander manier Vinarós heeft gevonden. Zichtbaar welvarende Russische mannen vertoeven hier met hun gezinnen. En in tegenstelling tot het beeld dat wij voorgeschoteld krijgen via films en media, is de rust en kalmte die ze uitstralen opvallend. Ze zijn er om met hun gezin vakantie te vieren – of alle onroerend goed op te kopen – en verder niks.

Spaanse versus Nederlandse terrasjes
In tegenstelling tot Nederland mag ik in Spanje graag buiten op een terras eten. Daarbij heb ik me afgevraagd waarom dat zo is; afgezien van de weersomstandigheden. Uit Nederland kan ik me voor terrasliefhebbers de zinsnede ‘lekker mensen kijken’ voor de geest halen. Dat geeft mij zo’n raar gevoel, dat ik het lopen over terrassen probeer te vermijden. Alhoewel buitengewoon menselijk, wil ik liever niet als keur-vee bekeken worden en mezelf afvragen of ik de goedkeuring van de terras-bezoekers wel kan wegdragen. In Spanje daarentegen zijn terras-bezoekers veel meer naar ‘binnen’ gericht. Ze zijn met familie en vrienden en houden zich daar mee bezig i.p.v. met de passanten. In Nederland staan de stoeltjes vaak open naar de passanten toe, zodat er beter lekker gekeken kan worden. In Spanje is dat – naar mijn gevoel – niet aanwezig en vormt een groep een meer gesloten geheel.

Waarom zou je, zonder historische binding, naar Vinarós komen? Om een paar redenen:

  • Het is nog steeds niet ontdekt door het massatoerisme, zoals de buurgemeenten Benicarlo en Peniscola. Maar je profiteert wel van alle gemakken die een zonvakantie prettig maken.
  • Er is een mooi lang strand inclusief boulevard om te flaneren. Alles wordt netjes schoon en fris gehouden.
  • Daarnaast heeft het stadje een gezellig centrum met volop eetgelegenheden, terrasjes en winkels.
  • De prijzen liggen op ongeveer een derde van de Nederlandse prijzen, dus wij eten samen inclusief drankjes en toetjes voor gemiddeld zo’n 25 tot 30 euro in totaal. Bakje koffie drinken in de verschillende varianten die Spanje rijk is, kost je samen zo’n € 3,50.
  • Taferelen zoals in de echte toeristenplaatsen als Blanes, Benidorm, Calella, etc ontbreken, dus geen kroegen vol overenthousiaste, luidruchtige en vechtlustige Nederlanders of Engelsen.
  • De natuur is niet bepaald overweldigend want vrij droog, maar als je echt wil, rijd je een stuk het binnenland in waar het al een stuk fraaier oogt. Dan kom je ook de wat meer pittoreske dorpjes tegen die hun eigen charme hebben.

Een leuk pandje in de toekomst
We mogen hier nog een weekje blijven en dan zit het er voor dit jaar weer op. Later, als we wat meer ruimte en tijd hebben, hopen we ons verblijf steeds meer te verlengen en ook serieus rond te gaan kijken voor een leuk pandje. Hoeft niet groot te zijn, maar ook niet van God en alles verlaten. We hebben beiden graag mensen om ons heen en de omgeving van Vinarós biedt voldoende gelegenheid om iets leuks te vinden.

Klimaatveranderingen
Overigens sluiten we niet uit dat we verder naar het zuiden gaan zoeken, gezien de klimaatveranderingen. In Vinarós en omgeving is het niet meer bepaald lekker overwinteren, omdat ook dat gebied steeds meer te maken krijgt met kou, regen en sneeuw. Dan kunnen we net zo goed thuisblijven, nietwaar.

0 thoughts on “Spanje was voor de eerste generatie Indo’s de ‘next best thing’ naast Indonesië”

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *